jan
23
2009
4

Geert Wilders monddood?

tomwilders 3Geert Wilders vond dat de rechters van het Amsterdamse Hof niet goed bij hun hoofd waren toen ze besloten dat de bleekblonde politicus tóch vervolgd diende te worden voor zijn ‘haatzaaiende, opruiende, beledigende en radicaal-opportunistische uitspraken’.

In zijn typische woordenstijl, met gevoel voor politiek drama, reageerde Wilders met de opmerking dat het een ‘zwarte dag voor de democratie’ was geweest.

Ik zeg: het oordeel van het Hof is een zegen voor onze democratie. Zonder het nu eens of oneens te willen zijn met Wilders opinies, stel ik vast dat de rechtsspraak tot een eigen, gewogen, onafhankelijk oordeel is gekomen, geheel in lijn met hoe onze democratie is georganiseerd. Ofwel langs de trias politica, met de scheiding der machten: de wetgevende, uitvoerende en controlerende macht.

Ik heb het altijd vreemd gevonden dat het Openbaar Ministerie niet overging tot een aanklacht tegen Wilders. Het wetboek van strafrecht biedt daartoe aanknopingspunten, zoals het Amsterdamse Hof deze week dus al aantoonde.

Elsevier-commentator Syp Wynia neemt het donderdag op voor de vrijheid van meningsuiting, een recht dat door erosie wordt geteisterd en zo dus aan waarde verliest, omdat er lukraak op wordt teruggegrepen als een onvervreemdbaar en onbuigzaam recht. Het is een beetje als de porno die de seks ook minder bijzonder maakt.

En of de politicus nou uiteindelijk veroordeeld wordt of niet: het recht, en in dit geval de democratie hebben dan gezegevierd.

jan
22
2009
0
jan
22
2009
0

Wilders voor de rechter

Geert Wilders moet voor de rechter verschijnen. In het blog staan in de voorspellingen bij de meesten wel iets over ophef met Wilders. En het moet gezegd worden, hij heeft de aandacht van de media weer op zich gericht hoor.

geertje-wilders

 

Wilders wordt dus vervolgd voor zijn uitspraken in de krant en de film Fitna.
Wie zijn tegen? Verdonk en de VVD natuurlijk immers het betreft de vrijheids van meningsuiting en hoever moet deze reiken in het Politieke Debat.
Ook tegen is de SP, logisch, Karabulut en Van Bommel liepen onlangs luidkeels “intifada” te roepen in een bedenkelijke demonstratie tegen de oorlog in Gaza. Moscowicz heeft aangifte tegen beiden gedaan tegen deze uitspraken.
Het gaat dus om haatzaaiende, discriminerende en beledigende opmerkingen BUITEN de Tweede Kamer.
En mag dit en kan dit?? IS het geoorloofd alles te roepen in het Politieke Debat??
Mijn antwoord is dan nee, sorry Wilders andere luidroepende leden. Het strijdtoneel om alles te roepen heet de Tweede Kamer, daar mag het en is het geoorloofd. Echter buiten die Tweede Kamer gelden regels die voor iedereen hier geldt. En dat is een vrijheid van meningsuiting met een beperking die in het strafrecht terug te vinden is.
Genoeg is genoeg! Maar dan in uitspraken die te ver gaan.

jan
08
2009
0

Een addertje onder het gras

INVOERING ELEKTRONISCH KINDDOSSIER

Het veelbesproken Elektronisch kinddossier gaat met ingang van het nieuwe jaar uitgerold worden, zoals dat in het jargon heet. Gewoon ter vervanging van de papieren dossiers van de jeugdartsen?

Als je aan een complete buitenstaander zou vertellen dat de Nederlandse consultatiebureau- en schoolartsen anno 2008 de dossiers over de kinderen die ze dagelijks zien graag digitaal willen vastleggen en niet langer met pen en papier, zal deze daar niet vreemd van opkijken. Wie werkt er tenslotte nog met papier! Ook zal die buitenstaander het niet vreemd vinden dat in een digitaal dossier dezelfde vragen aan bod kunnen komen als in het papieren dossier, vragen die in de loop van decennia zijn ontwikkeld en de arts helpen als het vermoeden rijst dat een kind niet goed groeit, achterblijft in zijn motorische ontwikkeling of begrippen als later en vroeger niet blijkt te snappen op de leeftijd die daarvoor staat. Tóch wekte het VVD-Kamerlid Ineke Dezentjé Hamming vorige week veel media-aandacht, toen ze in haar verzet tegen het zogenoemde Elektronisch kinddossier begon over de vragen die schoolartsen stellen over het schaamhaar van pubers en – om nog meer tumult te genereren – tijdens een overleg met de minister voor Jeugd en Gezin, André Rouvoet, vroeg hoe de kleine André het gevonden zou hebben als er naar zijn schaamhaar zou worden gevraagd.

Zoiets intiems als schaamhaar doet het ook in deze tijd nog goed, zeker als een christelijke minister er tijdens een debat figuurlijk gesproken mee wordt geconfronteerd, of beter gezegd: bewust mee in verlegenheid wordt gebracht. De media-aandacht was dus gemakkelijk gescoord. Maar hoewel minister Rouvoet hier en daar in een column of cartoon op de hak werd genomen, overheerste uiteindelijk bij velen de hierboven beschreven blik van de buitenstaander: digitaliseren is heel gewoon en die vragen bestaan al jaren. Het klopt immers dat ene J.M. Tanner al in 1962 schreef hoe je onder meer aan het schaamhaar van pubers kunt zien of hun groeicurve normaal is. Schoolartsen werken al decennialang met de groeistadia van Tanner, zoals Rouvoet de Tweede Kamer uitlegde.
Uiteindelijk had Dezentjé Hamming met haar schaamhaar dus geen succes. Integendeel. Met haar actie heeft ze de voorstanders van het Elektronisch kinddossier de ruimte geboden te benadrukken hoe vanzelfsprekend het is digitaal te gaan opslaan wat nu op papier wordt vastgelegd. De professionals in het veld willen het zelf, sprak Rouvoet de meest geliefde, hedendaagse mantra die beoogt alle bezwaren van derden, inclusief politici, in de kiem te smoren.
Dezentjé Hamming had er met haar actie op willen wijzen dat gegevens over schaamhaar weinig zeggen over het risico dat een kind loopt om thuis mishandeld of seksueel misbruikt te worden. Is het Elektronisch kinddossier dan bedoeld om kinderen die dat risico lopen snel boven water te halen? Mogen daar behalve de arts van het consultatiebureau en de schoolarts dan ook andere hulpverleners, zoals van de jeugdzorg of van de politie, in kunnen kijken?

Alle opwinding van vorige week is terug te voeren op de voorgeschiedenis van het Elektronisch kinddossier. Dat verscheen op de Haagse agenda in de tijd dat Nederland schrok van verhalen over kinderen die door hun eigen ouders of verzorgers waren gedood, terwijl ze door tal van hulpverleners waren omringd zonder dat die hulpverleners dat van elkaar wisten. De eerste vergadering waarin volgens het parlementaire archief het Elektronisch kinddossier opduikt, was in januari 2005.
Vooral het CDA liet er in de begintijd geen misverstand over bestaan waarvoor het digitale kinddossier moest dienen. Om het langs elkaar heen werken van hulpverleningsinstanties in de toekomst te voorkomen vroeg het CDA-Kamerlid Coskun Çörüz toen aan zijn partijgenoot, verantwoordelijk staatssecretaris Clémence Ross-Van Dorp: ‘Waarom wordt er niet één systeem ontwikkeld waarbij instellingen met één druk op de knop het hele dossier voor zich zien?’ Voor alle duidelijkheid. Wat het CDA toen wilde, kan niet anders worden uitgelegd dan dat de medische gegevens van een niet goed groeiende puber inderdaad ook te lezen zouden zijn door de politieagent die deze jongen betrapt bij een winkeldiefstal.
Hoe het dan zat met de privacy van die jongen? Daar had het CDA geen boodschap aan. Datzelfde Kamerlid Çörüz zei eind augustus 2006 tijdens een Kamerdebat dat voor hem het kind boven de privacybescherming gaat. Met op ieders netvlies Savannah, het Maasmeisje en andere trieste voorbeelden werd de privacy aan de kant geschoven. Wie in die tijd daarop kritiek had, kreeg het verwijt kindermishandeling niet belangrijk te vinden.
Het CDA stond hierin niet alleen. Pikant detail voor Dezentjé Hamming is dat haar toenmalige partijgenoot Fadime Örgü in diezelfde vergadering óók zei dat bij de afweging privacy of bescherming van het kind ‘altijd het belang van het kind de doorslag moet geven’. Maar ja, toen was de VVD nog regeringspartij en coalitiegenoot van het CDA. Privacy-bescherming is bij de liberalen pas later op de agenda gekomen.
Ook de PVDA was een groot voorstander van het één-druk-op-de-knopdossier. In oktober 2007 vroeg Samira Bouchibti namens de PVDA-fractie aan minister Rouvoet, in het nieuwe kabinet verantwoordelijk voor het digitale kinddossier: ‘Waarom mogen medewerkers van Bureau Jeugdzorg, schoolmaatschappelijk werk en de geestelijke gezondheidszorg niet het Elektronisch kinddossier raadplegen? Hoe kun je samenwerken als je niet in elkaars keuken mag kijken?’ Zij kreeg daarbij steun van GroenLinks, want ook Tofik Dibi zei in datzelfde overleg dat het dossier niet beperkt mag blijven tot de consultatiebureaus en de schoolarts.
Toch is dat wat er nu wél met het Elektro-nisch kinddossier gaat gebeuren: het dossier is een medisch dossier en daarom geldt het medisch beroepsgeheim; andere hulpverleners mogen er niet met één druk op de knop bij kunnen. Minister Rouvoet liet dit de Kamer dit najaar weten, nadat hij – op verzoek van de Kamer – een onderzoek had laten verrichten naar de haalbaarheid van een breder toegankelijk dossier. Na eerdere kritiek van het College Bescherming Persoonsgegevens was al besloten niet één centrale opslag van alle kinddossiers te maken, maar dit per regio te doen.
Dus toen Dezentjé Hamming vorige week over de schaamhaarpolitie begon, konden de vertegenwoordigers van de regeringspartijen CDA, PVDA en ChristenUnie gemakkelijk tegen haar zeggen dat het slechts gaat om het digitaliseren van papieren dossiers en haar het verwijt maken dat ze spookbeelden oproept. Ook van oppositiepartij SP kreeg Dezentjé Hamming een veeg uit de pan: ze zou angstbeelden zaaien.
Het was ineens alsof juist deze fracties het recht op privacy in al die jaren dat er over het digitale kinddossier wordt gepraat hoog in het vaandel hadden gehouden. Voor het gemak werd even vergeten dat de meeste daarvan de toegang tot het Elektronisch kinddossier wel degelijk graag anders hadden gezien.

Is die bredere toegang nu dan van de baan? Dat is het addertje onder het gras van het geheel. Dat streven is niet van de baan. Het lijkt er eerder op dat het digitale kinddossier is ontdaan van het beoogde doel, een één-druk-op-de-knopdossier zijn, om het nu – met jaren vertraging – in ieder geval ingevoerd te krijgen; zonder al te veel onrust over privacy en de bescherming daarvan. Politiek heel slim, want dan is de eerste stap maar vast gezet.
Maar wat de meerderheid van de Kamer nog steeds wil, is een snellere en eenvoudigere informatie-uitwisseling tussen hulpverleners om daarmee nieuwe Savannahs of Maas-meisjes te voorkomen. Liet het PVDA-Kamerlid Bouchibti zich vorige week niet ontvallen dat ze derden binnen een jaar alsnog toegang tot het Elektronisch kinddossier wil geven? De minister gaf als antwoord: nu nog niet. Ook hij sloot het nadrukkelijk niet voor altijd uit. Al beloofde hij wel dat er dan speciale wetgeving nodig is.
Bron: AUKJE VAN ROESSEL / De Groene Amsterdammer

dec
15
2008
0

‘Gemeenten houden te weinig rekening met burger’

Auteur: Judith Groot

Meer dan een derde van de gemeenten besteedt bij de inrichting van het digitale loket geen aandacht aan de wensen van de burger.

Toon volledig artikel
(bron Webwereld)
dec
14
2008
0

In de ban van terreur: de RAF

1RAF-logo_tcm44-236330In de nacht van 2 april 1968 vliegen twee warenhuizen in Frankfurt am Main in brand. Er vallen geen slachtoffers. De brandstichters: Andreas Baader en Gudrun Ensslin. Zij verklaren met hun daad tegen de “volkerenmoord in Vietnam” te protesteren.

Het tweetal vlucht naar Frankrijk, maar bij zijn terugkeer naar de Bondsrepubliek Duitsland in 1970 wordt Baader opgepakt en vastgezet. Lang zal zijn gevangenschap niet duren.

Kort na zijn arrestatie bevrijden Ensslin en een groep handlangers hun kompaan Baader met geweld. Vanaf dat moment besluiten Baader en zijn aanhangers een militante radicaal-linkse organisatie te vormen. De Rote Armee Fraktion is geboren. 

De jaren zestig en het studentenprotest
De RAF komt voort uit de studentenprotestbeweging die in Duitsland – net als in andere Westerse landen – met veel rumoer tegen de oudere generatie schopt, het materialisme afkeurt, de rechtstaat bestrijdt en tegen de oorlog in Vietnam protesteert.

De beweging is in Duitsland een bonte mix van anarchisten, pacifisten en radicalen. Eind jaren zestig splitst de beweging zich. Een deel wil hervormingen afdwingen met vreedzame, democratische middelen. Het andere deel radicaliseert en omarmt het geweld.

In die tijd ontstaan er talloze extreem-linkse splintergroepen die bereid zijn geweld te gebruiken. Maar geen van die groepen gaat zo ver als de Rote Armee Fraktion.

Tomeloze terreurcampagne
De RAF krijgt onder meer publicitaire steun van Ulrike Meinhof, schrijfster van een links studentenblad en lid van de verboden Kommunistische Partei Deutschlands. Al snel heet de RAF in de volksmond de Baader-Meinhof-Gruppe.

In de ogen van de RAF is Duitsland een politiestaat die geregeerd wordt door fascisten. In de woorden van Ensslin: “Geweld kan alleen met geweld worden beantwoord. Dit is de generatie van Auschwitz – met hen kan men niet discussiëren.” 

De RAF neemt haar werk bloedserieus. Baader, Meinhof, Ensslin en andere aanhangers gaan op trainingskamp bij de Palestijnse bevrijdingsorganisatie PLO van Yasser Arafat.

Bij terugkomst in de West-Duitsland beginnen ze een tomeloze terreurcampagne. In 1971 overvallen ze banken om hun activiteiten te financieren. Daarna richt hun geweld zich op politieke doelen: Amerikaanse legerbases, politiebureaus en rechters. Verschillende mensen komen om het leven.

De eerste generatie sterft
In 1972 lijkt een einde aan het geweld te komen als de Duitse politie de harde kern van de RAF arresteert. Baader, Ensslin en Meinhof belanden achter de tralies.

De Duitse overheid neemt extreme maatregelen om de groep te isoleren. Er worden aparte cellen voor ze gebouwd, gesprekken met advocaten worden afgeluisterd en soms mogen de verdachten helemaal geen advocaat zien.

De gevangen leden van de RAF verzetten zich tegen hun behandeling. Tussen 1974 en 1977 plegen ze zelfmoord of overlijden na een hongerstaking. Irmgard Möller, de enige van de eerste generatie die overleeft, heeft overigens altijd beweerd dat gevangen RAF-leden vermoord zijn door de Duitse regering.

Een nieuwe generatie staat op
Het geweld houdt echter niet op. Midden jaren zeventig staat een tweede generatie op en in 1977 bereikt het terrorisme van de RAF een nieuw hoogtepunt. Het eerste slachtoffer dat jaar is de hoogste procureur-generaal bij het Hooggerechtshof in Karlsruhe, Siegfried Bubeck. Bijna vier maanden later brengt de RAF Jürgen Ponto, directeur van de Dresdner Bank, om het leven.

Maar de meest spectaculaire terreurdaad is gewelddadige ontvoering van werkgeversvoorzitter Hans-Martin Schleyer, in september van dat jaar. Zijn vier begeleiders komen om in een kogelregen en Schleyer wordt in een grote rieten mand naar een schuiladres in Den Haag gesmokkeld. Duitsland is wekenlang in de ban van de ontvoering.

In de herfst van 1977 loopt de spanning verder op wanneer vier Arabische terroristen een toestel van Lufthansa kapen. De kapers eisen dat de Duitse regering gevangen RAF-leden vrijlaat. Maar bondskanselier Schmidt weigert te onderhandelen.

Een Duitse anti-terreureenheid ontzet op 18 oktober het vliegtuig en doodt op één na alle kapers. Als reactie brengt de RAF Schleyer om het leven. Zijn levensloze lichaam wordt de volgende dag in het Franse Mulhouse gevonden.

Het einde van de RAF
Na de ‘Duitse herfst’ van 1977 is de Rote Armee Fraktion over haar hoogtepunt heen. Veel oudgedienden leggen de wapens neer en duiken onder in de DDR. Een derde generatie staat op, maar die zal een stuk minder actief blijken.

Op 27 maart 1993 vindt een aanslag plaats op de nieuwbouw van en gevangenis in Weiterstadt. De schade is groot (ruim 60 miljoen euro), maar er vallen geen gewonden. Het zou de laatste gewelddadige actie van de RAF zijn.

Vijf jaar later, op 20 april 1998, ontvangt het persbureau Reuters een verklaring waarin de Rote Armee Fraktion aankondigt zichzelf op te heffen. “Bijna 28 jaar geleden, op 14 mei 1970, ontstond tijdens een bevrijdingsactie de RAF. Vandaag beëindigen wij dit project. De stadsguerrilla in de vorm van de RAF is nu geschiedenis.”

nov
23
2008
0

Interview RAF-lid Karl-Heinz Dellwo

Ter gelegenheid van het uitkomen van de film Baader Meinhof Komplex was er op 12 November in de Nijmeegse Lux-bioscoop een openbaar interview over de Rote Armee Fraktion (RAF) met ex-RAF lid Karl-Heinz Dellwo. Een verslag.

Het debat met Dellwo over Baader Meinhof Komplex werd geleid door journalist Marcel Rözer. Dellwo gijzelde in 1975 met enkele handlangers de Duitse ambassade in Stockholm. De gijzeling was bedoeld om gevangen RAF-ers als Andreas Baader vrij te krijgen. Bij de actie in Stockholm vielen vier doden en veertien gewonden. De gijzeling eindigde met het exploderen van het gebouw doordat de TNT die de RAF had geplaatst, per ongeluk ontplofte. Baader noemde de hele gijzelings-affaire een “Scheiss Aktion.”

Dellwo zat 20 jaar in de gevangenis voor de gijzeling, waarvan tweeënhalf jaar in isolatie. Eerder had hij al een jaar vastgezeten voor een bezetting.  Dellwo: “De celstraf die ik kreeg, was bedoeld om ons als staatsvijanden te breken. Maar dat is niet gelukt volgens mij.”

Het grote auditorium in Nijmegen is bijna volledig gevuld. Er zijn zelfs mensen uit Groot-Brittannië en Duitsland gekomen om Dellwo te horen spreken. Overal staan beveiligers en politie houdt de wacht. Er wordt bij de ingang gecontroleerd op wapens. Vier agenten met fluorescerende jassen staan buiten voor het Lux-complex. Extreem-rechtse groepen hadden aangekondigd te willen protesteren tegen de extreem-linkse Dellwo. Uiteindelijk kwamen deze extreem-rechtse groepen niet opdagen omdat hun betoging verboden werd door de burgemeester. Linkse demonstranten zijn wel aanwezig. Ze verspreiden foldertjes en lopen met spandoeken door Nijmegen. Alles verloopt verder rustig.

Voorafgaand aan het debat met Dellwo werd de nieuwe film Baader Meinhof Komplex vertoond die gaat over de geschiedenis van de RAF. Dellwo komt daar zelf ook in voor als gijzelnemer, zij het slechts kortstondig. De film belicht vooral de RAF-kopstukken Baader, Meinhof, Ensslin en Monhaupt.

De bezoekers van de Lux-bioscoop worden deze avond uit veiligheidsoverwegingen via een geheimzinnige tunnel naar de zaal geloodst, waar ook Dellwo zelf de film te zien krijgt. Na afloop van Baader Meinhof Komplex begint het debat met de oud RAF-militant over de film. De in het zwart geklede oud-terrorist ziet er tegenwoordig meer als een intellectueel uit dan als staatsvijand nummer 1. Met zijn hoornen bril, keurige kapsel en zwarte blouse maakt Dellwo, die tegenwoordig documentaire-maker is, een beheerste, aimabele indruk, alhoewel hij soms door opflakkerende emoties wat gejaagder gaat spreken.

Dellwo; “Er zitten veel sterke beelden in Baader Meinhof Komplex. De hardhandig neergeslagen protestdemonstratie tegen de Sjah van Perzië, de moord op Benno Ohnesorg, de moordpoging op Rudi Dutschke en het leven van de RAF-leden in de Stammheim-gevangenis vond ik erg tot de verbeelding spreken.”

“Het leven van Andreas Baader, Ulrike Meinhof, Gudrun Ensslin en de anderen in de Stammheim-gevangenis is emotioneel en aangrijpend om te zien, maar ik mis reflectie in de film.”

“Andreas Baader wordt stereotype voorgesteld als een ‘Macher’ en playboy. In de film wordt gedaan alsof de Palestijnse vrijheidsstrijders hem verachten. Dat klopt volgens mij niet.  Baader kan toch niet zo maar een idioot geweest zijn. Anders hadden de Palestijnen in 1977 toch niet een vliegtuig (Lufthansa Landshut) voor hem gekaapt om de ontvoering van werkgeversvoorzitter Hanns-Martin Schleyer kracht bij te zetten? Dat doe je toch niet als Baader niks had voorgesteld?”

“De film mist context. Er worden geen achtergronden gegeven, er is geen discussie en de karakters komen uit de lucht vallen. In de film heb ik weinig herkend van de atmosfeer van de jaren ’60 en ’70.”

Op de vraag waarom documentaire-maker Dellwo niet zelf een film gaat maken over de RAF als Baader Meinhof Komplex hem tegenviel, antwoordt de voormalige RAF-militant: “Als ik ook dertig miljoen euro krijg, zou ik hem zo voor u maken. Maar die heb ik helaas niet.”

Nazisme

Gevraagd wat de redenen waren waarom Dellwo zelf radicaliseerde en bij de RAF betrokken raakte, zegt hij: “Je moet het allemaal in de tijd plaatsen. Je kunt mijn persoonlijke ontwikkeling niet loskoppelen van de maatschappelijke tendensen uit die periode. Een mens is altijd onderdeel van een groepsproces. Daarbij moet je ook kijken naar hetgeen de maatschappij met de bevolking doet. Iedereen in Duitsland was na de Tweede Wereldoorlog door het nazisme en kapitalisme beïnvloed geraakt.”

“Vanwege ons nazi-verleden heb ik me altijd geschaamd een Duitser te zijn. Ik heb als twintiger vijf maanden op zee gevaren en heb toen veel landen bezocht. Ik schaamde me altijd erg voor mijn land. Veel liever was ik Nederlander, Luxemburger of Deen geweest. Dat is natuurlijk een subjectief gevoel, maar ik had er wel last van. Je kunt je afkomst echter niet verloochenen.”

“We waren immers allemaal opgegroeid en volwassen geworden met het Duitse nazi-verleden van de generatie van onze ouders. Onze strijd was een gevecht tegen deze nazi-beweging. In de jaren zestig en zeventig hadden veel oud nazi’s nog steeds de macht in Duitsland.  De heersende klasse had grotendeels een fout verleden. Werkgeversvoorzitter Schleyer was bijvoorbeeld een vrij hoge SS-er geweest. We waren bang dat het nazisme weer zou opbloeien.”

“Wij, als nieuwe generatie, hadden een eigen ruimte nodig om onszelf te ontwikkelen en een eigen leven te kunnen opbouwen. Dat gunden de ouderen ons niet. Onze strijd tegen die heersende generatie was een anti-koloniale strijd. We wilden de oude generatie stoppen en opnieuw beginnen. Jongeren streefden ernaar om de maatschappij als een onbeschreven blad – Tabula Rasa – opnieuw in te kleuren. We hadden het idee dat er wat meer mogelijk moest zijn dan alleen maar consumptie en kapitalisme. Er moest een nieuwe realiteit gecreëerd worden.”

“In 1968 bleek dat al onze demonstraties niet hielpen en er een nieuwe koers moest komen. Dat gebeurde ook. Het was een tijd dat er veel frisse lucht aan kwam waaien. Honderdduizenden mensen waren bezig met veranderingen en nieuwe ideeën. Overal ter wereld ontstonden bevrijdingsbewegingen die geen verbondenheid meer hadden met nationale staten. Er ontstond een tegen-cultuur. Revolutie hing in de lucht, maar er was veel tegenstand.”

“In de film zie je dat de linkse demonstraties oorlogsmatig worden neergeslagen, terwijl er maar weinig tegenstand is van de demonstranten. Tegen zo’n overmacht hadden we weinig kans. Om als kleine groep toch resultaten te kunnen boeken en iets te veranderen in de wereld, moesten we een nieuwe strategie zien te vinden.”

“Uit de debatten die overal plaatsvonden kwamen militanten zoals wij voort, die de weg van het geweld als een mogelijkheid zagen om hun doel te bereiken. De nood van de RAF-leden om de maatschappij omver te werpen was duidelijk groter dan bij andere jongeren. Wij geloofden dat zonder geweld de maatschappij gewoon hetzelfde zou blijven en dat wilden we tegen elke prijs zien te vermijden. Vervolgens ontstond er binnen onze groep een dynamiek waarbij iedereen elkaar beïnvloedde en er radicale ideeën ontstonden. We dachten de Franse revolutie te kunnen herhalen en werden in een historisch proces meegenomen. De tijdgeest heeft ons meegevoerd.”

Consumptie-maatschappij

“Als de mogelijkheden om de maatschappij te veranderen geblokkeerd zijn, is het legitiem om geweld te gebruiken, vonden wij. Dat leidde uiteindelijk tot het geweld van de RAF. Onze generatie zag geen uitweg meer en werd agressief. Dat was niet te vermijden.”

“Ik voelde me bedrogen door de kapitalistische consumptie-maatschappij en zou mezelf en hetgeen ik rechtvaardig achtte, verraden hebben als ik niks gedaan had. Ik vond toen dat wanneer ik echt geloofde in een nieuwe, betere wereld, ik zelf moest strijden en handelen. Ik kon een ander er niet voor laten opdraaien. Dat zou laf geweest zijn.”

“Het was een emancipatie van mijzelf. Ik moest mijn angst zien te overwinnen en een daad stellen. Ik heb de consequentie getrokken en ben bij de Rote Armee Fraktion gegaan. Niks of niemand heeft me gedwongen om me bij de RAF aan te sluiten. Het was helemaal mijn eigen beslissing.”

“De socioloog Herbert Marcuse heeft me ook sterk beïnvloed in mijn denken. Dat was bij veel mensen zo in die tijd.”

“De vonk die bij mij de boel liet ontploffen en me aanzette tot het plegen van geweld was de dood van RAF lid Holger Meins. Meins was gevangen gezet door de overheid. Daaropvolgend begon hij een hongerstaking, die hij niet heeft overleefd. Ik beschouwde dat als verraad door de staat. De overheid deed volgens mij alles om ons neer te slaan. De regering liet zelfs mensen van honger omkomen. Toen ik het bericht van zijn dood vernam, vond ik dat ik actie moest ondernemen om Baader, Ensslin en Meinhof vrij te krijgen. Daarom hebben we de ambassade in Stockholm gegijzeld.”

“Wij wisten toen zeker dat wat we deden goed was. Als tiener of twintiger ben je er vaak heilig van overtuigd dat wat jij doet moreel hoogstaand is. Wij stonden achter de revolutie en dus kon die niet verkeerd zijn. Ik heb daarna 21 jaar in de gevangenis gezeten en dan kom je tot andere conclusies.”

Anti-fascisme

Zijn eigen (familie)achtergrond voert Dellwo niet aan als excuus voor zijn deelname aan de RAF. Hij vermeldt die slechts om aan te geven waar zijn linkse radicalisme vandaan kwam. Dellwo: “Mijn ouders waren slachtoffers van de nazi’s net als de ouders van mijn RAF- collega Stefan Wisniewski. Zijn ouders waren dwangarbeiders uit Polen. Mijn anti-fascistische ouders hebben het zwaar gehad in de oorlog. Hun overtuigingen hebben mij natuurlijk beïnvloed. Ik geloof nog steeds in Gelijkheid, Eerlijkheid en Solidariteit. Die waarden wilde ik als jongeling uitdragen en ik geloof er nog steeds in. Ik ben ook vandaag de dag nog steeds tegen uitbuiting. Ik begrijp niet waarom een werkster minder moet verdienen dan een manager. Ze werken er allebei even hard voor.”

Op de vraag of Dellwo nu opnieuw terrorist of revolutionair zou worden als hij jong was, antwoordt de ex-RAF-er: “Dat weet ik niet. Dat kan ik onmogelijk zeggen omdat ik nu een heel ander mens ben dan vroeger. Ik heb allerlei ervaringen opgedaan en dingen meegemaakt waardoor ik me nu als 56-jarige niet kan verplaatsen in jongeren van nu. De maatschappij is ook gigantisch veranderd sinds de jaren ‘60. Het is eigenlijk nog erger geworden dan vroeger.  Er is nu een 24-uurs kapitalisme ontstaan. Alles is in materieel opzicht beter geworden, maar de zaken die er echt toe doen zoals solidariteit en eerlijkheid onder de mensen zijn verslechterd. ”

“Allemaal aspecten die het onmogelijk maken om in te zien hoe ik nu zou hebben gereageerd. Ik weet gewoon niet hoe ik zou handelen als ik in een fabriek werkte en me een uitgebuit subject had gevoeld. Dat gevoel heb ik nu als vijftiger niet meer. De jeugd moet zelf bepalen wat ze doet. Dat is niet meer aan mij. Revolutie is altijd met de jeugd verbonden, niet met oudere mannen zoals ik.”

“De tijd is volgens mij momenteel echter niet rijp voor revolutie. Ik denk dat er in de toekomst wel weer een massale opstand komt tegen de ongelijkheid in de wereld, maar ik ga het vermoedelijk niet meer meemaken.”

Fidel Castro

“Fidel Castro heeft eens gezegd dat de RAF een dappere poging heeft gedaan om een revolutie te ontketenen, maar dat het mislukt is omdat we te vroeg waren. Dat klopt. We hebben gefaald. De dekolonisatie in Afrika is grotendeels mislukt, Israel is nog steeds een probleem en socialistische staten zijn een debacle gebleken. Dat is triest, maar wel de realiteit.”

“Onze revolutie moest gewoon mislopen. De tijd was er niet rijp voor. Natuurlijk hadden we het recht niet om te doden, maar in die tijd dachten we dat het noodzakelijk was. We hebben veel fouten gemaakt en zijn een grens overgestoken die we niet hadden mogen overgaan. Dat geeft me een bitter gevoel.”

“In de Amerikaanse film Fargo van de broers Coen wordt de vraag gesteld of moorden ooit iets kan opleveren. Dat moet je je bij de RAF ook afvragen. Fargo is een indrukwekkende film die mijn gevoel goed weergeeft. Ik was liever geen RAF-lid geweest en had liever niet deelgenomen aan de gijzeling van de ambassade in Stockholm. Ik kan echter mijn geschiedenis niet wissen of terugdraaien. Afgezien daarvan ben ik wel trots dat ik me tenminste heb verzet tegen de misstanden in de maatschappij en gepoogd heb actie te ondernemen in de strijd voor een betere wereld.”

Na afloop van het debat, waarin vele (kritische) vragen gesteld werden, klinkt er applaus voor Dellwo. De gijzeling in Stockholm, die Andreas Baader bestempelde als een “Scheiss Aktion”, heeft het publiek hem blijkbaar vergeven. De slachtoffers van Dellwo’s daden doen dat mogelijk niet.

Het boek Het Baader Meinhof Komplex, waarop de gelijknamige film gebaseerd is, ligt nu in de winkel. Karl-Heinz Dellwo komt ook voor in dit boek van Stefan Aust (hoofdredacteur van Der Spiegel). Het Baader Meinhof Komplex telt 576 pagina’s en is verschenen bij uitgeverij Lebowski. ISBN: 9789048801633

De film Baader Meinhof Komplex draait sinds 20 november 2008 in de Nederlandse bioscopen

Geschreven door Paul Prillevitz zondag 23 november 2008

nov
13
2008
1

Verdediging van het vrije woord

Verdediging-van-het-vrije-woord

Dit boek is een vervolg op ‘Vermoord en verbannen’, maar onafhankelijk daarvan te lezen. Marres behandelt, naast de stukken ter verdediging van Geert Wilders tegen demonisatie, op grondige en scherpe wijze kwesties van het multiculturalisme, cultuurrelativisme, islamisering en verwante thema’s, zoals de vrijheid van meningsuiting en discriminatie. Stukken tegen een ideologie, maar ook commentaar over daarmee verbonden gebeurtenissen.

Auteur: R. Marres
Paperback
180 pagina’s | Uitgeverij Aspekt B.V. | november 2008

Onze sponsor Colani | Ontwerp: Oppositie 2.0 door colani.nl