feb
27
2009
2

ZZP’ers in problemen

De economische crisis eist een zware tol onder kleine zelfstandigen. Steeds meer freelancers en kleine ondernemers kloppen bij hun gemeente aan voor bijstand, omdat ze financieel compleet aan de grond zitten. De meeste regio’s hebben het aantal hulpverzoeken sinds begin dit jaar zien verdubbelen. Dat blijkt uit een inventarisatie van de Volkskrant bij zelfstandigenloketten in het hele land.

Het gros van de freelancers (ook wel zelfstandigen zonder personeel of zzp’ers genoemd) die in de puree zitten, komt uit de bouwsector. Ook de zakelijke dienstverlening – ict’ers, adviseurs, schoonmakers – is goed vertegenwoordigd in de probleemgroep, zeggen de zelfstandigenloketten. Verwonderlijk is dat niet: de bouwsector zit in een zware dip door de crisis en zowel de bouw als de zakelijke dienstverlening zijn sectoren waarin veel freelancers werkzaam zijn. Zij zijn als eerste de dupe in een recessie, omdat ze geen arbeidsbescherming genieten.
Freelancers en kleine zelfstandigen hebben als ze werkloos worden sowieso geen recht op een WW-uitkering, en als ze over teveel vermogen beschikken ook niet op een bijstandsuitkering. Hun enige hoop is dan het Besluit Bijstandsverlening Zelfstandigen (BBZ), een regeling voor zelfstandigen die ‘tijdelijk’ inkomensproblemen hebben. De BBZ bestaat in twee vormen: een bedrijfskrediet of een periodieke uitkering. Een zelfstandige die geld nodig heeft om zijn bedrijf te kunnen voortzetten, maar geen gehoor vindt bij de banken, kan bij het zelfstandigenloket maximaal 178.019 euro lenen. Freelancers die te weinig verdienen om in hun levensonderhoud te voorzien, kunnen volgens het BBZ maximaal drie jaar een uitkering krijgen die hun inkomen aanvult tot bijstandsniveau. Deze uitkering heeft de vorm van een renteloze lening. Om in aanmerking te komen voor BBZ-steun moet de zelfstandige kostwinner zijn en een levensvatbaar bedrijf hebben. De uitvoering van het BBZ is in handen van de gemeenten. Die hebben deze taak in veel gevallen gedelegeerd aan een regionaal zelfstandigenloket dat meerdere gemeenten bedient.
Sjon Reimerink van de Regionale Organisatie Zelfstandigen in Hengelo, het zelfstandigenloket van Twente en delen van de Achterhoek, spreekt van een enorme toename van het aantal hulpbehoevende freelancers. ‘De meesten komen uit de bouw. Daar werken nogal wat zelfstandigen die voorheen in loondienst werkten en maar één of twee opdrachtgevers hadden. Zij zijn toen het nog goed ging op aandringen van hun voormalige werkgever voor zichzelf begonnen, met het idee dat ze als freelancer veel meer konden verdienen.
Maar nu het slechter gaat, zet hun vroegere baas hen als eerste aan de kant.’

Bron: de Volkskrant

feb
17
2009
0

Record aantal bedrijfsopheffingen G’berg

Mede als gevolg van de economische crisis besluiten steeds meer bedrijven om te stoppen. In het 4e kwartaal van 2008 ging het in Geertruidenberg om 38 ondernemingen, een verdubbeling ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder. Over heel 2008 gaat het om 97 opheffingen, een groei van ruim 21%.    

 

Kanttekening bij deze cijfers is dat het bij de opheffingen niet alleen gaat om bedrijven die vanwege de economische crisis in de problemen zijn gekomen. Vaak speelt ook de leeftijd of gezondheid van een ondernemer een rol. Bij gebrek aan opvolging kan bijvoorbeeld een economisch gezond bedrijf ophouden te bestaan. Ook veranderende wetgeving kan een rol spelen, waardoor de motivatie van ondernemers kan teruglopen.  

 

Over heel 2008 zijn in Geertruidenberg de meeste opheffingen geregistreerd in de detailhandel. In totaal hebben 17 detaillisten (19% van totaal) vorig jaar hun deuren gesloten. Behalve de detailhandel kennen ook de bouw (16,5%), de persoonlijke diensten (14,4%) en de groothandel (13,4%) relatief veel opheffingen

Bron: Kamer van Koophandel Zuidwest-Nederland

Written by in: Geertruidenberg |
feb
08
2009
0

Waar ben je nu?

De Eerste Kamer behandelt volgende week de Wet Bewaarplicht Telecommunicatiegegevens. Dit is belangrijk, want als de senaat met de wet instemt, worden al onze telefoon- en internetgegevens afgetapt en voor een jaar bewaard, zodat de overheid die kan opvragen voor de bestrijding van ernstige misdaad en terreur.
De dataretentierichtlijn is reeds drie jaar geleden in het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie aangenomen. Deze richtlijn regelt dat lidstaten hun providers en telecombedrijven verplichten alle verkeersgegevens van hun klanten op te slaan, te bewaren en zo beschikbaar te houden voor politie en justitie. Lidstaten kunnen zelf alleen nog de bewaartermijn bepalen: van een half jaar tot twee jaar.
In Nederland koos onze ijverige justitieminister Ernst Hirsch Ballin meteen voor achttien maanden. De Tweede Kamer wist dat terug te brengen tot een jaar. Binnen de Eerste Kamer leven principiële bewaren tegen deze ingrijpende maatregel. De senatoren hebben hun huiswerk goed gedaan. Ze lieten experts uitzoeken of het systeem waterdicht zou werken. De uitkomst was dat het een forse inbreuk is op de privacy. En een zinloze. De bewaarplicht is namelijk te ontduiken, omdat de wet (nochtans) geen betrekking heeft op de nieuwe vormen van elektronische communicatie, zoals de social networks (Hyves, LinkedIn), msn, skype en op de gratis mailprogramma’s, zoals gmail en hotmail. De handige jongens lachen zich rot om de achterhaalde kijk op de digitale samenleving van de plannenmakers in Brussel.
Experts toonden ook dat 98 procent van de data uit spam bestaat en dat kunnen providers niet scheiden van inhoudelijke berichten. Wat de diepgang daarvan is, weet je als je op een terrasje of in de trein ongewild een gesprek opvangt. Waar ben je nu? Wat eten we vanavond? – tussen al dat gebabbel moet de overheid naar de spreekwoordelijke speld – ‘relevante informatie’ – in de hooiberg zoeken.
Nut en noodzaak van dit systeem worden betwijfeld. Bovendien kan de overheid in de toekomst al die gegevens van burgers, hoe onnozel ook, gebruiken voor andere doeleinden. Daar komt bij dat mensen in e-mails vaak impulsief en onnauwkeurig hun emoties en gedachten formuleren. Die uitwisseling kan steekwoorden bevatten die vallen binnen de risicoprofielen, waardoor het Openbaar Ministerie denkt ‘op het spoor te zijn van gevoelige informatie’. Het risico is dat het OM dan opsporingsbevoegdheden krijgt die het voorheen niet had. En het gaat voorbij aan het beginsel dat gedachten vrij zijn.
Dat de overheid hiermee een gevaarlijke weg inslaat, is aan Hirsch Ballin en diens politieke medestanders niet besteed. De christenen en socialisten in deze regering willen als geobsedeerde ouderlingen het gedrag van burgers controleren om grip op de gemeenschap te krijgen.
Wat kan de Eerste Kamer nu doen? GroenLinks stelt dat er twee mogelijkheden zijn om zich te verweren: tegen stemmen totdat in 2010 de richtlijn in Brussel is geëvalueerd of de termijn terugbrengen tot het minimum van zes maanden. In het eerste geval moet de minister terug naar de tekentafel in Brussel, in het tweede geval naar de Kamer. Beide uitkomsten zal Hirsch Ballin tandenknarsend moeten aanvaarden. Hopelijk is de senaat zo wijs zich niet te laten lenen voor het accorderen van dit systeem dat het mogelijk maakt dat de overheid precies weet waar je bent en wat je denkt.

Bron: MARGREET FOGTELOO / De Groene Amsterdammer

Written by in: Landelijke politiek,Privacy |
feb
07
2009
19

Een pleidooi voor vrij wapenbezit

AAP-LogoGewapende burgers zijn de ergste nachtmerrie voor iedere dictator en tiran. De geschiedenis leert ons immers dat gewapende burgers zich altijd met hand en tand zullen blijven verzetten tegen onderdrukking en dictatuur.

Deze les werd dan ook zeer ter harte genomen door figuren als Jozef Stalin en Adolf Hitler, die het bezit van wapens in hun eigen land en daarna in hun bezette gebieden onmiddellijk bij decreet verboden. Deze wapenwetten werden door de nazi’s streng toegepast, maar ze konden toch niet voorkomen dat een golf van ondergrondse verzetsbewegingen hen de rest van de oorlog zou dwarsbomen.

Voor de Joden kwam het verzet echter te laat, zij waren reeds voor het begin van de oorlog ontwapend en konden zich dus niet verdedigen tegen hun deportatie die het einde voor zo velen betekende. Niet dat ik de Europese overheden van genocide wil betichten, maar waakzaamheid blijft geboden als een staat het recht van burgers om zich te verdedigen afneemt of sterk reguleert.

Maar hoe komt het nu dat wat men in de Verenigde Staten de normaalste zaak ter wereld vindt, in landen als Nederland en België zo’n taboe is geworden de laatste jaren? Beide danken hun onafhankelijkheid immers aan een opstand van gewapende burgers tegen een buitenlandse mogendheid. Toch is er een fundamenteel verschil in hoe beide landen zich nadien ontwikkeld hebben.

Hoewel de Amerikanen tijdens hun onafhankelijkheidsstrijd op de steun van onder meer Spanje en Frankrijk konden rekenen, hebben zij in de jaren na hun onafhankelijkheid nooit beroep gedaan op deze bondgenoten om hen uit de problemen te halen.

Verlichte denkers zoals Thomas Jefferson zagen de gevaren van verstrikkende allianties in en vielen liever terug op goed bewapende burgermilities om zich te verdedigen tegen tirannie en buitenlandse veroveringsdrang. Deze milities hebben hun effectiviteit trouwens bewezen, o.a. toen meer dan 450,000 Amerikanen hun vrijheid verdedigden tegen de Britten in de Oorlog van 1812.

Ook Zwitserland heeft haar geschiedenis van neutraliteit bij internationale conflicten te danken aan een groot aantal wapenbezitters en goed draaiende burgermilities.

In België verliep het evenwel anders. Wat begon als een kleine opstand voor meer autonomie escaleerde al snel tot een regelrechte revolutie met de onafhankelijkheid van de Zuidelijke Nederlanden als nieuw doel. Deze gebeurtenis ging uiteraard niet onopgemerkt voorbij, en het duurde dan ook niet lang voor de Europese grootmachten zich met deze zaak gingen bemoeien.

Plannen voor een aansluiting bij Frankrijk werden door Groot-Brittannië van tafel geveegd, evenals het voorstel om de voormalige Franse kroonprins het koningschap van België aan te bieden. Het was eveneens Groot-Brittannië dat Nederland onder druk zette om de Belgische staat te erkennen in het zogenaamde Verdrag van Londen van 1839. In dit verdrag beloofde de Europese grootmachten de neutraliteit van België te respecteren.

Niet alleen had het Belgische volk dus weinig te zeggen over het ontstaan van hun land, ze kregen bovendien de garantie van de machtigste naties van dat moment dat hun neutraliteit gerespecteerd zou worden. Een burgermilitie was dan ook niet echt noodzakelijk voor het voortbestaan van het land, en zo ontbrak in België de voedingsbodem voor een gezonde traditie van burgerlijk wapenbezit. Dit in tegenstelling tot de Verenigde Staten.

Toch was de wapenwet in België tot voor kort nog vrij liberaal. De wet stamde uit 1933 en stelde dat sport- en jachtwapens, mits registratie, vrij aangekocht konden worden. Voor oorlogswapens was een speciale vergunning nodig.

Dit alles veranderde toen een zekere Hans Van Themsche besloot een wapen aan te kopen en daarmee enkele onschuldige mensen op straat neer te kogelen. Het hele land stond in rep en roer, het zoveelste geval van ‘zinloos geweld’ bracht een volkswoede teweeg die niet meer gezien was sinds de tijd van de Dutroux-affaire. De snelheid waarmee de politiek op deze gebeurtenis reageerde was al even ongezien. Alle partijen waren het er op enkele uren tijd over eens dat een herziening van de wapenwet nodig was.

Op een week tijd werd een bijzonder strenge en ondoordachte nieuwe wapenwet door het parlement gejaagd. Dit zonder eerst de gemoederen te laten bedaren en na te denken over de diepgaande implicaties van deze nieuwe wet. Ze kon dan ook onmiddellijk rekenen op felle kritiek van schuttersverenigingen én de politievakbond.

Het hallucinante resultaat liet dan ook niet lang op zich wachten. Onschuldige burgers werden ontwapend, kostbare erfstukken ‘verdwenen’ bij pogingen om ze te laten registreren en politieagenten moesten een attest van mentale gezondheid gaan halen om hun dienstwapen te mogen dragen. Dit terwijl illegale wapens rustig bleven waar ze altijd al geweest waren: in de handen van criminelen.

En heeft deze ultrastrenge wet iets gedaan om dergelijke drama’s te verkomen? Minder dan een jaar na het doorvoeren ervan werd een jongeman op straat doodgestoken voor een sigaret, en nog begin dit jaar werd het land diep geschokt door de laffe moorden van Kim De Gelder.

Ook buiten België is genoeg bewijsmateriaal te vinden om aan te tonen dat dergelijke wetten inefficiënt zijn. Een voorbeeldland dat door tegenstanders van wapenbezit vaak word aangehaald is Japan. Vuurwapens zijn er verboden, met uitzondering van een beperkt aantal jagers. Wat is nu het resultaat? Een moordcijfer vergelijkbaar met zwaarbewapende landen zoals Duitsland en Noorwegen, en één van de hoogste zelfmoordcijfers ter wereld.

Een ander vaak gebruikt voorbeeld is uiteraard ‘cowboyland’ Amerika. In de VS zijn er om en bij de 90 vuurwapens in oploop per 100 inwoners. Klinkt gevaarlijk? De statistieken spreken dit echter tegen. Tussen 1996 en 2005 is het moordcijfer in de VS met 15% gedaald, en het aantal gewapende overvallen met 22%, dit terwijl het vuurwapenbezit wel constant toenam.

Het omgekeerde is eveneens waar, Washington D.C., dat sinds 1976 de strengste wapenwet van alle Amerikaanse staten kent, zag zijn moordcijfer in 15 jaar tijd meer dan verdrievoudigen. Deze ‘prestatie’ leverde Washington de bijnaam ‘Murder Capital’, USA op. Intussen is het aantal moorden daar terug gedaald, maar het steekt nog steeds met kop en schouders boven alle andere Amerikaanse steden uit. Het hoeft denk ik verder geen betoog dat de vermeende correlatie tussen wapenbezit en misdaad ronduit fout is.

Daarbij besliste ook het Amerikaanse Hooggerechtshof recentelijk (Heller vs. D.C.) dat het wapenverbod in het District of Columbia in strijd zou zijn met de Grondwet en herzien moet worden.

Het heeft geen enkele zin om het recht op vrij wapenbezit van de burger af te nemen. Het enige wat dit doet, is namelijk een klimaat creëren waarin potentiële criminelen weten dat zij geen gewapende tegenstand hoeven te verwachten van hun slachtoffers, en dus ongestoord hun gang kunnen gaan. De afwezigheid van een afschrikmiddel zoals een vuurwapen, zet met andere woorden het hek wagenwijd open voor mensen die anders misschien niet de stap naar de misdaad zouden zetten.

Bovendien houden dergelijke wetten criminelen niet tegen van een wapen te houden, zij hebben immers geen respect voor de wet. Een populair gezegde gaat dan ook als volgt: “when guns are outlawed, only outlaws will have guns!”

En nog iets dat enorm storend is, is het feit dat mensen die het recht op vrij wapenbezit verdedigen steevast worden afgeschilderd als asociale, schietgrage ‘rednecks’ die Europa tot een modern Wilde Westen willen herschapen (een beeld dat overigens totaal fout is, zoals hierboven geïllustreerd). Men verwijt hen ook steeds dat zij paranoïde figuren zouden zijn die bang zijn van hun medemens en inspelen op een vals onveiligheidsgevoel. Het tegendeel is echter waar.

Het zijn net diegenen die hun medeburgers willen ontwapenen die geen vertrouwen hebben in hun medemens. Combineer dit met de hedendaagse pers en hun niet-aflatende honger naar schokkende en sensationele verhalen, en je krijgt een ‘recipe for disaster’ dat het onveiligheidsgevoel verder in de hand werkt en ons weer een stap dichter bij de politiestaat brengt.

Het zijn dan ook enkel de echte vrijheidsminnenden met een rotsvast geloof in de mensheid die hun medeburgers in deze tijden van bijtend cynisme nog durven vertrouwen met vuurwapens. De rest lijkt zijn geloof in de individuele verantwoordelijkheid te hebben verloren, of heeft er nooit in geloofd.

Want dit wordt maar al te vaak over het hoofd gezien: het bezit van een wapen is immers een verantwoordelijkheid net als het opvoeden van kinderen, rijden met een wagen en het bezitten van geld. En net zoals met het bezit van een wapen kan men door onverantwoord met deze zaken om te springen zware schade aanrichten.

Het is nu onderhand wel duidelijk dat het echte probleem niet bij het wapenbezit zelf ligt dan wel bij die enkelingen die over de schreef gaan en menselijke drama’s aanrichten. Maar daar helpt geen enkele regulering iets aan. En net daarom is het tijd dat de overheid laat zien dat zij de burgers vertrouwt, dat vrijheid niet iets is om bang voor te zijn. Geef ons de kans om te bewijzen dat wij verantwoord met wapens kunnen omspringen!

Geef ons gewoon ons natuurrecht terug!

Written by in: Oppositie,Vrij wapenbezit |
feb
06
2009
0

Gemeenten moeten eind 2010 aan webrichtlijnen voldoen

Auteur: Ingmar van den Berg

Alle overheidssites, ook van lagere overheden, moeten eind 2010 voldoen aan de webrichtlijnen. De SP is blij met deze stok achter de deur.

Toon volledig artikel


(bron Webwereld)

Written by in: Landelijke politiek |

Onze sponsor Colani | Ontwerp: Oppositie 2.0 door colani.nl