jan
01
1968
0

Andreas Baader

Andreas Baader wordt geboren op 6 mei 1943 in München. Hij groeit op zonder zijn vader, een historicus die voor de oorlog archivaris is geweest en in 1945 als soldaat vermist raakte aan het front. De jeugd van de moeilijk handelbare Baader bestaat uit een aaneenschakeling van kleine vergrijpen.

baader1Als achttienjarige brengt hij voor het eerst drie weken door in jeugddetentie. In 1963, op twintigjarige leeftijd, verhuist hij naar West-Berlijn. In de links-alternatieve Szene ontwikkelt hij een bohémien-achtige levensstijl. Een studie maakt hij niet af. Zijn vriendin Ellinor Michel, een schilderes met wie hij in 1965 een dochter krijgt, omschrijft hem als “provocatief”. Baader polariseert graag, gedraagt zich ijdel en is voortdurend uit op ‘actie’.

In 1967 ontmoet hij de studente Gudrun Ensslin, die zich sterk tot de daadkrachtige Baader voelt aangetrokken en gaat een relatie met haar aan. Samen radicaliseren zij snel. Ensslin bestempelt Baader tot “de anarchie in eigen persoon”. In april 1968 steken zij twee warenhuizen in Frankfurt in brand. In 1969 vluchten ze naar Frankrijk. Na terugkeer naar de Bondsrepubliek in 1970 wordt Baader opgepakt. Op 14 mei bevrijden Ensslin en anderen Baader met geweld.De RAF is geboren.

Van juni tot augustus 1970 ondergaat Baader een militaire training van Palestijnse terroristen in Jordanië. Na terugkeer pleegt de RAF meerdere aanslagen en overvallen. Samen met Gudrun Ensslin geldt Baader als kopstuk van de RAF. Op 1 juni 1972 wordt Baader gearresteerd. Daarbij wordt hij in zijn bovenbeen geschoten. Hij verdwijnt in de isoleercel. In 1973 en 1974 houdt hij, samen met de andere gevangenen, enkele hongerstakingen uit protest tegen de omstandigheden waaronder de RAF-leden vastzitten. In mei 1975 begint het proces tegen de eerste generatie RAF-leden in de zwaarbeveiligde Stammheim-gevangenis in Stuttgart. Baader wordt onder meer aangeklaagd wegens vijfvoudige moord, 54 pogingen daartoe en wegens talrijke bomaanslagen en bankovervallen. Na een lang proces, dat door de gevangenen keer op keer wordt aangegrepen om politieke statements te maken, wordt Baader op 27 april 1977 veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf vanwege viervoudige moord en meerdere pogingen tot moord. Na de mislukte poging van terroristen om de staat via gijzelnemingen te dwingen om Baader vrij te laten (‘De Duitse herfst’), pleegt hij op 18 oktober 1977 zelfmoord met een pistool. Baader wordt 34 jaar. Hij wordt begraven naast Gudrun Ensslin op een begraafplaats in Stuttgart.

baader2baader3baader4baader5

jun
02
1967
0

Benno Ohnesorg doodgeschoten door een Stasi-informant

Het nieuws dat de Duitse student Benno Ohnesorg in 1967 werd doodgeschoten door een Stasi-informant heeft begrijpelijkerwijs voor nogal wat ophef gezorgd in Duitsland. De achtergrond;  Benno Ohnesorg nam op 2 juni 1967 deel aan een betoging tegen een bezoek van de Iraanse Sjah, de pro-westerse dictator van Iran, toen nog Perzië, aan Berlijn. Deze demonstratie liep hevig uit de hand. Of beter gezegd: de demonstranten werden aangevallen: eerst door supporters van de Sjah en daarna door de west-Duitse politie. De Sjah-supporters waren zogenaamd Iraanse studenten die het ‘moderniserende’ bewind van de Sjah steunden. De tegen-demonstranten vonden hen al meteen een vreemd gezelschap; brede mannen met ingestudeerde leuzen…
Het geweld begon toen deze ’studenten’ de stokken van hun protestborden gebruikten om demonstranten mee te lijf te gaan. De west-Duitse politie ging vervolgens over tot het met grof geweld uit elkaar jagen van de demonstratie. In de chaos en verwarring die hierop volgde werd Benno Ohnesorg door de politie-agent Karl-Heinz Kurras doodgeschoten. Benno Ohnesorg stierf op straat, geraakt door twee kogels in zijn achterhoofd. Kurras beweerde uit zelfverdediging gehandeld te hebben; hij zou bedreigd zijn door met messen gewapende jongeren. Ohnesorg was pacifist, lid van een evangelische studentengroep en wilde leraar worden – de betoging van 2 juni was de eerste demonstratie waar hij aan deelnam.

benno-ohnesorg1

Voor de Duitse linkse beweging werd zijn dood symbolisch. Als reactie op de moord – een ander woord past niet – besloot een deel van de beweging dat het tijd was om naar de wapens te grijpen. Een van de grondleggers van de Rote Armee Fraction verklaarde op een vergadering dat de andere kant ‘begonnen was met schieten’ en dat gewapend geweld de enige effectieve vorm van verzet was tegen een staat waar ‘de generatie die Auschwitz had veroorzaakt’  zo’n grote rol in speelde. Een andere gewapende groep noemde zich de ‘Beweging van 2 Juni’ – daarmee de politie en de pers verplichtend om in elk bericht over hun acties de dood van Benno Ohnesorg te vermelden.

En nu is dus gebleken dat Kurras een lid was van de Oost-Duitse Communistische partij, de SED, en als informant werkte voor de Stasi. Maakt het eigenlijk iets voor de beoordeling van wat er die dag gebeurde? Rechtse bladen in Duitsland proberen nu natuurlijk Benno Ohnesorg’s dood in schoenen van de DDR te schuiven. Ook als er geen bewijs is voor complotheorie dat Kurras opdracht had om een demonstrant te doden om zo de BRD te destabiliseren, dan nog, zo wordt betoogd, is hij als SED-lid niet typisch voor de ‘democratische Duitse rechtsorde’. Duits links heeft de verkeerde mensen de dood van Ohnesorg aangewreven in deze interpretatie.

Maar eigenlijk maakt het voor de beoordeling van zijn dood niet zoveel uit dat Kurras een Stasi agent was, hoe interessant dit nieuws op zich is. Het blijft namelijk een feit dat Karrus tot twee keer is vrijgesproken door die ‘democratische’ West-Duitse autoriteiten. Kurras was misschien niet typisch voor de west-Duitse politie maar de BRD justitie vond het nou ook weer niet zo erg dat hij een zeventwintigjarige op straat vermoord had. In 1970 keerde hij al terug in actieve dienst bij de politie – ook was zijn verklaring tijdens het proces,  dat hij een waarschuwingsschot gelost had, dat demonstranten messen hadden getrokken etc., door tientallen getuigen tegengesproken. Er is nog een tweede kant aan de zaak: de linkse studenten van eind jaren zestig kwamen in opstand tegen een gebrek aan democratie, tegen onderdrukking in het buitenland (de Duitse regering was niet alleen bevriend met een dictator als de Sjah maar steunde bijv. ook de Vietnam-oorlog) en eisten meer gelijkheid en rechtvaardigheid in het eigen land. In een of andere vorm gingen deze verwijten ook op voor de DDR en de rest van het Oost-Blok. Het grootste deel van Duits links besefte dat: DDR fans waren dun gezaaid – de beperkte samenwerking tussen RAF-leden en delen van de Stasi was bijvoorbeeld van later datum en niet echt typisch.
Kurras was dus een informant voor een onderdrukkend regime en de democratische rechtsorde van de BRD pleitte hem vrij. De onthullingen uit het Stasi archief veranderen weinig aan de betekenis van Ohensorg’s dood – wat ze wel laten zien is hoe de klein de verschillen tussen de machthebbers in Oost- en West waren.

Onze sponsor Colani | Ontwerp: Oppositie 2.0 door colani.nl